Wim Bartels

Wim Bartels hoopt dat accountants bij de toetsing van duurzaamheidsinformatie oog hebben voor passende diepgang en weten wanneer ze moeten stoppen met vragen stellen.

Discussie Column

Huisje bij het schuurtje

De afgelopen tijd ben ik meerdere malen aangesproken op de rol van de accountant in duurzaamheidsrapportages. En dan niet wat limited assurance betekent versus reasonable assurance, maar vooral hoe accountants gaan bijdragen aan de daadwerkelijke transitie. En in dat kader: Of accountants niet nu al met de verkeerde instelling beginnen aan de assurance-reis.

Wij worden als beroepsgroep vanaf volgend jaar gevraagd te bevestigen dat de informatie in de sustainability statements in het jaarverslag (daar moet de informatie over duurzaamheid verplicht in worden gerapporteerd) voldoende betrouwbaar is. Ja, ik weet dat dit niet de precieze terminologie is en dat we een beperkte mate van zekerheid geven. Maar dit is de kern van onze taak straks. Zodat een belanghebbende die informatie kan gebruiken om zijn of haar beslissingen te nemen en de desbetreffende markt (de financiële, de arbeidsmarkt, de markt van transacties tussen bedrijven en klanten et cetera) efficiënt kan functioneren. Een belangrijke stakeholder bij dit alles is de Europese Unie. Niet per se in directe zin, maar wel in politiek-bestuurlijke zin. De EU heeft de rapportage-eisen inclusief de assurance-verplichting in het leven geroepen om te kunnen stimuleren dat we als economische regio naar een duurzame economie bewegen. Kortom: Dat de informatie er aan bijdraagt dat we kunnen monitoren dat en hoe we de transitie maken naar (onder andere) een netto nul CO2-uitstoot, met circulaire producten en een duurzaam voedselsysteem. Dát is de opgave waarvoor we staan.

Dat betekent dat we, naar de uitspraak van Peter Bakker van de World Business Council for Sustainable Development, als accountant eraan kunnen bijdragen om 'de wereld te redden'. Accountants kunnen ervoor zorgen dat de informatie van de juiste waarde is om sturing te kunnen geven aan de transitie. Dat komt echter wel met de verantwoordelijkheid om te zorgen voor de juiste focus en diepgang van ons werk. En dat komt met de verantwoordelijkheid om diepe kennis te hebben van de materie en de bedoeling van de bepalingen in de standaarden - om te zorgen dat we ons op de juiste zaken richten en begrijpen wanneer 'voldoende werkzaamheden' inderdaad voldoende zijn. In Noord-Holland zeggen ze dan 'laten we het huisje bij het schuurtje houden'.

Nu kunt u denken: 'Maar wat is nu het probleem?' Daarvoor ga ik terug naar het gesprek met de duurzaamheidsmanager van een groot internationaal bedrijf. En ook naar de vergadering van de Sustainability Reporting Board medio oktober, over onder andere verdere richtlijnen om de meest belangrijke (de zogenoemde 'materiële') onderwerpen te bepalen.

Bij beide kwam de vraag op hoe ver je nu eigenlijk moet gaan in het documenteren en beoordelen van het proces. Het bedrijf waarover ik het heb, had het proces uitgebreid gedocumenteerd, maar kreeg toch al ongeveer twintig vragen en opmerkingen van de accountant over vooral de documentatie van het materialiteitsproces. De accountant was het verder overigens eens over de uiteindelijke uitkomst, de belangrijke onderwerpen waarover het bedrijf moet rapporteren.

In de Sustainability Reporting Board bespraken we nog eens dat een zeker niveau van documentatie wenselijk is, al was het maar voor interne doeleinden om het proces over enkele jaren te kunnen herhalen en dan te weten welke keuzes in het vorige proces zijn gemaakt.
Het centrale doel van het gehele proces moet echter voor ogen worden gehouden: Het bepalen van de belangrijke onderwerpen voor rapportage. Daarvoor is het niet nodig om elke individuele kleine stap of elk gesprek te documenteren en te notuleren: Bij een goede kennis van de materie en het businessmodel van de onderneming (inclusief de waardeketen!) zijn die onderwerpen redelijk snel in te schatten. De Sustainability Reporting Board komt binnenkort uit met de richtlijnen voor het materialiteitsproces en dat zullen nadrukkelijk geen 'criteria' worden voor de accountant. Dat is zowel omdat er niet één juist proces te definiëren is, maar ook omdat we willen voorkomen dat accountants het proces tot in detail gaan 'platchecken'.

Als accountant kun je oneindig vragen stellen over het proces, zonder dat dat iets toevoegt aan de inhoud c.q. het doel. Daarmee help je je eigen dossier, maar gaat veel kostbare tijd en energie verloren zonder dat er iets verandert aan de inhoud van het verslag noch aan de transitie. Dan verliezen we niet alleen tijd en energie, maar ook - nog belangrijker - draagvlak voor het opstellen en benutten van de informatie; van hoog tot laag in de organisatie, kan ik vanuit ervaring al zeggen. Dit geldt zeker ook voor al die (grote!) bedrijven die er nu mee moeten beginnen. Die kunnen hun motivatie al verliezen voordat ze zijn begonnen, als we als accountants niet hun reis onderkennen en met gepaste diepgang naar de betrouwbaarheid van informatie kijken. En dan verliezen we helaas zelf ook veel van onze relevantie voordat we zijn begonnen.

Ik hoop van harte dat we als accountants, evenals de toezichthouder, bij duurzaamheids-assurance vooral ook aandacht hebben voor waar we kunnen stoppen, in plaats van waar we nog een aanvullende vraag kunnen stellen. Aandacht hebben voor wanneer 'voldoende' 'voldoende' is en we de reis erkennen die gecontroleerden in veel gevallen op gaan - uiteraard met adequate documentatie. Dan houden we het huisje en het schuurtje bij elkaar.

Wat vindt u van deze column?

Reageer

Wim Bartels is Senior Sustainability Partner bij Deloitte.

Gerelateerd

11 reacties

Ron Heinen

Als laatste aanvulling op de vorige reacties kun je op

https://photos.app.goo.gl/ntXBFfwXUJ4Vos1p6

een toelichting vinden.

Ron Heinen

Als aanvulling op de vorige reactie:

Een algemene wetenschappelijke introductie om met een geintegreerde blik te kijken naar situaties is te vinden op

https://drive.google.com/file/d/1gHDjMPoO2v003sl4c-V3k6SdcFTGHDTN/view

Een wetenschappelijke uitleg waarom met formele wiskundige wetmatigheden alle empirische wetmatigheden te beschrijven zijn is te vinden op:

https://drive.google.com/file/d/1dxqrGR5bzDnhD-6x_8D5-IQrQLEdmCgY/view

Ron Heinen

Zoals in eerdere reacties uitgelegd kunnen we met een geintegreerde blik kijken naar situaties.

Op Math4Sci.com is op Map-of-Science een plaatje te vinden hoe we dit in de wetenschap doen.

Er bestaat een hiërarchische samenhang tussen alle wetmatigheden in ons universum.

Dit is bekend in de wetenschap als een specificatie hiërarchie, zie https://www.isko.org/cyclo/integrative_levels voor een algemene uitleg.

Conform de transitieve eigenschap van deze specificatie hiërarchie, zie https://www.isko.org/cyclo/integrative_levels#3.2 kunnen we met wiskundige modellen wetenschappelijk het gedrag beschrijven van alle objecten in alle wetenschappelijke disciplines.

Objecten kunnen bijvoorbeeld organisaties zijn. Het gedrag van organisaties kunnen we bijvoorbeeld met de speltheorie wiskundig beschrijven.

Bij het gedrag van organisaties op het gebied van duurzaamheid speelt het speltheoretische Moloch's trap.

Een voorbeeld van Moloch's trap is het feit dat bedrijven moeten verduurzamen, om te voorkomen dat we de aarde onherstelbaar beschadigen. Voor zover het nog niet te laat is natuurlijk. Maar het patroon is duidelijk; de overheid gaat niet hard genoeg optreden om een significant verschil te maken. Vervuilende bedrijven zullen zelf maatregelen moeten nemen. Maatregelen die geld kosten en op de korte termijn een negatieve impact op de omzet en winst zullen hebben. Terwijl concurrenten die dit niet doen hierdoor mogelijk meer marktaandeel kunnen veroveren.

Het is te hopen dat overheden en ook accountants op tijd doorhebben dat er stevige maatregelen noodzakelijk zijn om uit het business-as-usual scenario van de club-van-rome te komen. Want daar zitten we nog steeds in. Met steeds meer natuurrampen als gevolg.

Hugo van Campen

Ik heb de voorgaande reacties gelezen en kan mij vinden in veel daarvan. Ook vind ik dat het artikel een goed punt raakt: Ben tevreden met een voldoende. Het hoeft nl. geen 10 te zijn. Ten minste: de documentatie van de klant. Bij de uitkomsten moet wel gestreefd worden naar een 10 natuurlijk.

Een uitdaging die hier denk ik gaat spelen is de angst voor later: als ik over een aantal jaar mijn werk moet verdedigen, heb ik dan wel voldoende gedaan? En ik denk dat dan de relfex is: ik doe wat meer...

Frans Kersten

Als we over 5-10 jaar de aanpak van de energietransitie beoordelen zouden we wel eens kunnen concluderen dat deze volledig verkeerd is geweest, enkel gericht op de korte termijn en niet op de langere termijn. We zien het nu terug bij elektrische auto's, zonnepanelen, tekorten op het elektriciteitsnet.
Heffingen bij iedereen, ook de zwakkeren in de samenleving die zich vertalen in subsidies voor de rijken (alleen zij kunnen elektrische auto's en zonnepanelen betalen).
Te laat en te weinig onderzoek naar waterstof dat zonder meer over ons gasnet getransporteerd had kunnen worden.
Et cetera ....
Ik zou verre wegblijven van duurzaamheidsinformatie.

Jan Bouwens

Laten we een voorbeeld nemen aan de traditionele assurance. Als een bedrijf zich vrijwillig laat controleren dan krijgt deze er een goedkopere vermogenskostenvoet weten we uit onderzoek.
De definities van assets en kosten en opbrengsten zijn vastgelegd. Maar de verplichting tot controle is afwezig. Zij die goed willen kunnen zich laten controleren. ......Laten we dat aub ook in csrd doen dan kunnen we blijvend het koren van het kaf scheiden.

Arnout van Kempen

Dan is mijn voorlopige conclusie toch ongeveer hetzelfde: let op zuivere rollen. Rolvermenging gaat ongelukken geven. Daar verwed ik echt een goede fles wijn onder

Annette Houwaart

@Arnout

Het loopt een beetje door elkaar in deze tekst. Er staan ook uitspraken als:
"Dat betekent dat we, naar de uitspraak van Peter Bakker van de World Business Council for Sustainable Development, als accountant eraan kunnen bijdragen om 'de wereld te redden'. Accountants kunnen ervoor zorgen dat de informatie van de juiste waarde is om sturing te kunnen geven aan de transitie."
en
"In de Sustainability Reporting Board bespraken we nog eens dat een zeker niveau van documentatie wenselijk is, al was het maar voor interne doeleinden om het proces over enkele jaren te kunnen herhalen en dan te weten welke keuzes in het vorige proces zijn gemaakt."

en

"Het centrale doel van het gehele proces moet echter voor ogen worden gehouden: Het bepalen van de belangrijke onderwerpen voor rapportage."

Daar lijkt de rol van AIB-ers te zijn benoemd.

Arnout van Kempen

@Annette, weet je het zeker? Ik citeer: “Wij worden als beroepsgroep vanaf volgend jaar gevraagd te bevestigen dat de informatie in de sustainability statements in het jaarverslag (daar moet de informatie over duurzaamheid verplicht in worden gerapporteerd) voldoende betrouwbaar is”

Dat is assurance, niet AiB

Annette Houwaart

@arnout
Het gaat hier denk ik om accountants in brede zin. Niet alleen de openbaar accountants die via hun verklaring zekerheid toevoegen.

Er is misschien nog wel een grotere groep aan accountants in business nu aan het werk om te bepalen welke informatie voor hun organisatie materieel is en welke data ze hierop kunnen ontsluiten om die materiële processen te beheersen en om erover te kunnen rapporteren in het kader van de CSRD.

Zij zitten ook aan de management- en bestuurstafels om daarover mee te praten. Zij dragen in de keten als eerste bij aan betrouwbare informatie; nog voordat er een controle plaatsvindt.

Persoonlijk overigens volledig met je eens dat om betrouwbaarheid toe te kunnen voegen als openbaar accountant een neutrale objectieve rolvervulling cruciaal is. Je kunt daarbij noch in wezen noch in schijn belanghebbende zijn.

Arnout van Kempen

Als “de transitie” het proces is waar we beter van worden, dan is “de verantwoording” een bron van informatie die dat proces beter laat verlopen. Was assurance daar aan toevoegt is dat beslissingen binnen het proces beter genomen kunnen worden.

Maar degene die assurance levert is “slechts” leverancier van zekerheid, in welke mate dan ook, en op geen enkele manier zelf partij in het proces. Gezien de agency-theorie zou ik zelfs zeggen: pas heel erg op voor assurance providers die zich daarin onbescheiden opstellen. Door partij te worden, verliezen ze immers aan betrouwbaarheid, ze worden belanghebbenden.

In de financiele audit is dat een dusdanig open deur dat ik me zou schamen het te benoemen alsof ik iets vertel dat niet iedereen al weet.

In de (naderende) sustainability reporting - audit, krijg ik keer op keer de sterke indruk dat assurance providers helemaal niet zichzelf zien, of gezien worden, als assurance providers die *geen enkele* eigen rol hebben in “ de transitie”, maar juist als mede verantwoordelijk worden gezien.

Dus ik trap de open deur maar in: assurance providers moeten het kwaliteitsattribuut “zekerheid” toevoegen aan verantwoordingsinformatie zodat anderen daar met meer vertrouwen, en daarmee tegen lagere risico’s/kosten, beslissingen kunnen baseren. Zij nemen zelf die beslissingen niet, en spelen zelf geen rol in de transitie.

Verwar die rollen, en ben voorbereid op mislukkingen en ongelukken.

Reageren op een artikel kan tot drie maanden na plaatsing. Reageren op dit artikel is daarom niet meer mogelijk.

Aanmelden nieuwsbrief

Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.